Computergame voor ploegleiders – ‘oortjes’

Het nieuwe wielerseizoen is nog niet begonnen maar de eerste staking in het peloton was al bijna een feit. Aan de vooravond van de omloop van Het Nieuwsblad, de echte start van het koersseizoen, wordt normaal gesproken volop gespeculeerd over de mogelijke winnaars, maar dit jaar is het anders. Het boeit niemand nog wie het sterkst uit de winter is gekomen, maar de “Oortjes’, dat is waar het nu om gaat!

De UCI wil dat er niet langer met de communicatiemiddelen tussen renners en ploegleiders wordt gereden en heeft daarom een verbod gelegd op het gebruik van deze oortjes. Voor mij, als liefhebber van het wielrennen, een hele logische en goede ontwikkeling. Ik zie graag een open koers waarin renners zelf besluiten nemen; zelf bepalen hoe ze in een vooraf bepaalde tactiek van de ploeg met elkaar samenwerken; zelf besluiten wanneer een demarrage wordt ingezet en hoe een gat op de koplopers wordt dichtgereden. Zonder alle technische middelen die vanuit de ploegleiderwagen direct, door de oortjes, het peloton ingeslenterd kunnen worden zien we hele andere wedstrijden.

Iedereen is het er eigenlijk over eens. Het wielrennen zonder oortjes zou waarschijnlijk een stuk aantrekkelijker zijn dan met die dingen in het oor. Er is alleen nog één groep te overtuigen en niet de minst belangrijke in deze. 80% van de renners vindt dat het gebruik van de oortjes niet mag worden afgeschaft. Gevolg: De renners willen niet meer koersen als de oortjes niet gebruikt mogen worden. De enige reden die ik te horen krijg: Veiligheid. Gaat het wielrennen tegenwoordig dan zo hard als in de autorally? “Hot left, medium right!”. Ik neem toch aan dat de renners elkaar wel kunnen waarschuwen voor gevaarlijke bochten of gevaarlijke situaties op de weg.

Volgens mij is er maar één reden voor de ploegen om de oortjes te behouden in het peloton en dat is dat ze bang zijn dat een renner een ‘verkeerd’ besluit neemt tijdens de koers. De ploegleider zit in de auto en kan helderder denken dan iemand die ‘het snot voor ogen rijdt’.  Een renner hoeft alleen maar te trainen om hard te fietsen en moet zijn krachten gebruiken als de ploegleider dat van hem vraagt, door de oortjes.

Echte wielrenners kunnen een koers lezen. Die voelen aan wanneer je wel of niet in een ontsnapping mee moet gaan. Die zullen de koers winnen als ze de sterkste zijn, maar kunnen door slim te rijden ook een koers winnen wanneer ze eigenlijk niet de sterkste zijn. Met de communicatiemiddelen tussen het peloton en de ploegleiders zitten wij niet te kijken naar een open koers waarin alles kan gebeuren, maar naar een computergame die door de ploegleiders wordt gespeeld.

Ik hoop dat de UCI voet bij stuk houd en het verbod op het gebruik van communicatiemiddelen doorzet! Ik wil Koers! Voorlopig is het 1-0 voor de UCI!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *